
Je ziet het goed: de Oeverloos drijft weer! Maar zonder 2000 kilo beton komt de schroef niet eens in het water. Met Joop's 10 pk diesel als sleper komen we probleemloos bij de betoncentrale in de Entrepothaven. De betonmixer is huge. Veel te groot voor onze klus. Met zes man in blauwe overall wordt heftig overlegd hoe dit nu aan te pakken. Ze willen met een grijper in 1 keer de hele boot volkiepen, dat lijkt ons wat te grof geweld voor onze tere sloep. Uiteindelijk worden twee vrachtwagens voorgereden en hangt er een slurf boven m'n hoofd.
'Goed vasthouden' zegt hij nog, als hij de pomp open gooit. Ik slinger bijna uit de boot maar krijg de eerste kwakken kleddernat beton toch redelijk op de gewenste plek. Het gaat fantastisch, en met zes betonwerkers als publiek doe ik net of dit m'n dagelijks werk is. Dan geeft een van de baardige mannen een dunne stok met motor aan Jan Willem. 'Hier, ga jij maar even trillen, gewoon je stok erin hangen en een beetje wiebelen.'

JW doet ook net of het de normaalste zaak van de wereld is en trilt de lucht met z'n machientje uit het beton. In een uur zit de klus erop. Twee vrachtwagens en zes manuuren, zonder bonnetje, 80 euro. Laten we hopen dat de rekening van Heino ook zo berekend wordt!
Maar ons echte avontuur begint pas als we weg varen. Of wíllen varen eigenlijk, want er is ineens een forse wind opgestoken en ik krijg met die kleine diesel de nu veel zwaardere Oeverloos niet los van de kant. Na drie keer lukt het eindelijk vrij te varen van de kade maar de diesel ontbreekt het aan power om de boot door de wind te sturen. Ik krijg de draai niet gemaakt, we drijven overdwars in de inmiddels steeds harder wordende wind. De lucht boven ons is loodgrijs en er staan witte koppen op dit grote stuk water. En dan slaat de motor af. Met steeds meer vaart drijven we downwind, richting grote betonnen kade die er nogal ongastvrij uit ziet. Dit lijkt het einde van de Oeverloos te worden...
Met een waterpomptang krijg ik de motor weer aan de praat. Vrij varen van de kade is onmogelijk maar de
power of impact kan ik wel reduceren.

Totdat met een doffe plof een kikker uit het dek van Joop's boot schiet. De sleep hangt nog maar losjes aan de Oeverloos. Ik ben alle controle kwijt en de boten gaan in de hoge golven enorm tekeer. We raken de kade precies bij de enige autoband die er hangt. Mazzel, hier liggen we wel even goed. De wind lijkt inmiddels orkaankracht te hebben. We zien twee politieboten bezig een losgeslagen schip te bergen. Voor onze penibele situatie hebben ze geen oog. Hier op eigen kracht wegkomen is onmogelijk. Na een uurtje wachten komt er blauw door het grijs. En de wind wordt snel minder. Als de witte koppen eenmaal zijn verdwenen trekken we onszelf los uit deze ellendige plek en bereiken we drijfnat en totaal uitgeput de Kromhout werf. Avontuur bestaat nog...
Maandag gaat de motor erin.